MEERTALIGHEID IN DE KLAS:
METHODIEKEN EN MATERIALEN
Koen Van Gorp
Centrum voor Taal en Onderwijs, KU Leuven
Leuven, 27 november 2014
Programma
Meertaligheid: voor- en nadelen?
Meertaligheid op school en in de klas
Tweetalig onderwijs
Talenrijkdom op school een plaats geven
Veeltalig functioneel leren
• Radio Tika, een veeltalige taak
Talensensibilisering
• Talensensibilisering: achtergronden en praktijk
Talenbeleid
1 Meertaligheid: voor- en nadelen?
Krantenkoppen april 2014: thuistaal…










Turks spreken op speelplaats mag
‘Laat kinderen hun taal spreken op school’
Goede thuistaal, goed Nederlands
Geen Nederlands op de speelplaats is
georganiseerde achterstelling, vermomd als
progressiviteit
Alleen Nederlands als schooltaal niet zo gek
Kiezen we dan voor apartheid?
In een taalbad verzuip je
Taal op school: intimideren of stimuleren
Thuistaal op school: vloek of zegen?
Verplicht Nederlands op de speelplaats: de
droom én illusie van de Vlaamse identiteit
en vooruitgang
De twee gezichten van meertaligheid
Turks
Engels
Leerkracht in klas met kleurrijke
thuistaalsamenstelling: “Hij kan goed
Engels!”
WIT
Goede
meertaligheid
Standaardtaal
ZWART
Slechte
meertaligheid
Tussentaal
Leerlingen aan het woord
 “Turks spreken is om stout te doen, want da mag nie.”
 “Ik hoop altijd dat mijn mama weer geen Turks
spreekt aan de poort.”
 “Ze denken dat we alleen over domme dingen in het
Turks kunnen praten. In hun ogen is Turks een vieze
taal.”
 “Andere talen, zijn dat dan ook de vieze talen?”
 “Dat is het meest gênant, als de juf uiteindelijk zegt:
‘Kom, zeg het nu maar in het Turks.’ Dan zijt ge echt
dom.”
 “Als Feyza dat stiekem in het Turks zegt, snap ik het
soms.”
Argumenten van leerkrachten
Ouders willen dat zelf niet!
De thuistaal van de leerlingen zelf is arm.
Gebruik van de thuistaal vormt
kliekjesvorming in de hand.
Ik verlies controle over wat er gebeurt in de
klas.
Tijd om Nederlands te leren is sowieso
beperkt.
Ik heb tientallen thuistalen in mijn klas.
Waar of niet waar?
1. Tweetaligheid leidt tot achterstand in het denken en
in talenkennis.
2. Tweetaligen zijn nooit in staat om één taal goed te
beheersen.
3. Het leren van andere talen gaat ten koste van het
Nederlands.
4. Een kind kan altijd een tweede taal leren.
5. Een kind moet één taal goed beheersen voor het
een tweede taal kan leren.
Waar of niet waar?
1. Tweetaligheid leidt tot achterstand in het denken en
in talenkennis.
2. Tweetaligen zijn nooit in staat om één taal goed te
beheersen.
3. Het leren van andere talen gaat ten koste van het
Nederlands.
4. Een kind kan altijd een tweede taal leren.
5. Een kind moet één taal goed beheersen voor het
een tweede taal kan leren.
Meertaligheid: voordelen
Cognitieve flexibiliteit en overdraagbare
vaardigheden
Betere resultaten in alle vakken.
Minder grote kans op Alzheimer.
• Onderzoek: Tweetaligheid vertraagt veroudering van
het brein!
• Onderzoek: Switchen tussen talen lijkt belangrijk
Mensen die actief tweetalig
zijn, krijgen de ziekte van
Alzheimer met vierenhalf jaar
vertraging. Dat blijkt uit
onderzoek in twee Vlaamse
universitaire ziekenhuizen.
De Standaard
26 november 2014
Meertaligheid: voordelen
Meertaligheid: voordelen
Cognitieve flexibiliteit en overdraagbare
vaardigheden
Betere resultaten in alle vakken.
Minder grote kans op Alzheimer.
Sociale vaardigheden
Groter inzicht in communicatiesituatie.
Verschil ik-jij; beter aansluiten op inhoud van
gesprek.
Internationaal verkeer, arbeidsmarkt
Vooral ‘grote talen’: Turks, Arabisch, Chinees,
Hindi/Urdu, ...
Talige voordelen
 Tweetalige kinderen hebben een beter inzicht in hoe
talen in elkaar zitten.
 bijvoorbeeld wanneer het gaat om de willekeurige
relatie tussen woord en betekenis. Kinderen die zowel
het woord bird als het woord vogel kennen voor een
dier dat vliegt, zijn zich eerder bewust van de
willekeurige woord-betekenis relatie.
 Bijvoorbeeld bij de verwerving van het grammaticaal
geslacht omdat het dialect een duidelijker
onderscheid maakt tussen vrouwelijk en mannelijk,
bijvoorbeeld op basis van het onbepaalde lidwoord
'een': ne man en een vrouw.
 Op het moment dat zij een andere taal leren, zijn ze
daar gevoeliger voor dan eentalige kinderen.
Talige identiteit 'verbeeld': Elaine
Zuid-Afrikaanse Elaine (14 jaar): Hoofd: 'bee-bee' – taal van rapmuziek
Volgt onderwijs in het Engels.
Praat vooral Engels met haar
ouders, broers en zussen;
Afrikaans met haar
grootouders en sommige vrienden.
Romp: 'Afrikaans'
‘[Brown] becaues it is a very
nies color and i love it and
i am broun. Becaues God
made me broun and
i am bles of it’.
Benen: Isizulu – taal van
haar stiefvader.
Een extra Zuid-Afrikaanse taal
helpt haar bij het vinden van
een job
Armen en handen:
Engels.
Het instrument
om haar huiswerk
en andere
schooltaken
te maken.
Een Vlaams voorbeeld
Talige identiteit
"To reject a child's language in the school is to
reject the child. When the message, implicit or
explicit, communicated to children in the
school is 'Leave your language and culture at
the school-house door', children also leave a
central part of who they are - their identities at the school-house door. When they feel this
rejection, they are much less likely to
participate actively and confidently in
classroom instruction"
(Jim Cummins, 2001: 19).
Identiteit, eigenwaarde en respect
 De houding van opvoeders, leerkrachten,
maatschappij tegenover de thuistaal blijkt een
invloed te hebben op de eigenwaarde en de
identiteit (en daardoor op leren en op integratie).
 Jongeren zijn erg gevoelig voor de mate waarin ze
zich aanvaard voelen op school. Respect voor hun
thuiscultuur, thuistaal en socio-culturele eigenheid
(‘identiteit’) vinden ze van cruciaal belang, en heeft
een grote invloed op hun eigen houding tegenover
de school (Unicef-rapport, 2013).
Meertaligheid = normaalste zaak van de wereld
 De meeste (en steeds meer) mensen groeien op in een
meertalige omgeving (demografisch feit).
 Iedere taalgebruiker beschikt over een (zeer gevarieerd)
taalrepertoire.
 Elk repertoire is biografisch en bestaat uit een unieke
mozaiek van (delen van) taalvariëteiten en talen.
 Hoe complexer de samenleving en het individuele
traject van personen, hoe complexer de taalrepertoires,
alsook de inzet van deze repertoires.
(naar Jan Blommaert, 2012)
Taalrepertoires
Uitgebreid repertoire en de instrumenten om dat
repertoire te vertolken
Elk individu heeft een meertalig
repertoire dat bestaat uit verschillende
talen of taalvariëteiten die hij of zij op
verschillende manieren ontwikkeld heeft
(thuis, op school, verworven of geleerd)
en waarin ze verschillende vaardigheden
heeft ontwikkeld (luisteren, spreken,
gespreksvaardigheid, lezen, schrijven, ...)
tot op verschillende niveaus
(Beacco, 2005).
2 Meertaligheid op school en in de klas
Tweetalig, meertalig onderwijs
Talenrijkdom op school
Veeltalig functioneel leren
Taalsensibilisering
Talenbeleid
Positieve effecten tweetalig onderwijs
“When students are given the opportunity to
develop academically and cognitively through
both their primary language and a second
language, this accelerates their learning. But
when students are denied use of their primary
language in school, they lose several years of
cognitive and academic growth while
focussing on acquiring the second language,
and we find that very few can make up the
lost time …”
(Thomas & Collier, 2000: 32)
Onderzoek naar rol van thuistaal
 Tweetalig onderwijs:
geen negatief effect op de ontwikkeling van de T2
(= Nederlands)!
Hoe langer het tweetalig onderwijs volgehouden
wordt, hoe positiever de resultaten voor alle
betrokken talen.
Effecten thuistaalonderzoek Gent
Geen negatief effect op de ontwikkeling van het
Nederlands.
Positief effect op het zelfvertrouwen van de
kinderen.
Een positieve evolutie op vlak van
overtuigingen van leerkrachten
Een positieve evolutie in omgaan met
meertaligheid op school en in de klas.
Gebruik van thuistaal: evolutie in kleuterklas & lagere school 2008- 2012
Functioneel
gebruik T1
Teacher introduces classroom activities in the home language:
•With the help of parents (as experts): e.g. telling stories
•With the help of pupils (as experts): e.g. making an own classroom dictionary
•With the help of internet: e.g. text on topic of the lesson
Teacher stimulates pupils to use home language during peer work:
• In group work
• To support one another
M
A
X
Teacher responds to what pupils express in their home language:
• Teacher builds on experience and knowledge expressed in pupils’ home languages
• E.g. Teacher asks pupils about the strategies they use in problem-solving in their home
language
Teacher encourages pupils to use home language on isolated moments:
•E.g. ‘Let’s count in Turkish’ ‘Let’s sing in another language’, ‘Hox do you say X in
your language?’
M
I
N
Teacher tolerates use of home language:
•Home language is allowed for well-being: children should express themselves
in their own language
•Home language is allowed if needed: e.g. to explain something to a weaker classmate
Teacher ignores home language:
• Explicit remarks to forbid home languages are absent
• Home languages are tolerated, especially on informal moments
Onderdrukking
T1
M
A
X
M
I
N
Teacher opposes use of home language:
• Teacher intervenes when hearing home languages: ‘Only Dutch in the classroom!’, ‘Do I hear
Slovak again?’
• Teacher composes linguistically heterogeneous groups to prevent interaction in home
language
24
Inzetten van de thuistaal in de klas en op school
 De thuistaal als brug/steiger voor leren
 Kennis/vaardigheden in eigen taal (T1) als opstap naar
verwerving kennis/vaardigheden in andere taal (T2)
 Momenten van ondersteuning/uitleg/interactie in T1
tijdens T2-onderwijs (ondersteuning door leerkracht of
leerling)
 Videofragment: wat heb je gegeten?
 Thuistaal als socio-emotionele factor.
 Positief omgaan met thuistaal op school bevordert:
welbevinden en betrokkenheid; Identiteitsontwikkeling; de
kans dat emotionele kloof tussen thuis-school verkleint.
 Tolereren/stimuleren van thuistaalgebruik op speelplaats,
in de klas, tijdens groepswerk, spel.
Talenrijkdom op school benutten
Talenrijkdom op school benutten
 Laat kinderen spelen op de speelplaats in de taal die voor hen
het meest vanzelfsprekend is. Bespreek met de (oudere)
kinderen in de klas wat ze aan deze situatie leuk en/of lastig
vinden. Maak indien nodig afspraken: bv. ‘Je toont respect
voor wie jouw taal niet spreekt en schakelt over op het
Nederlands wanneer een ander je niet begrijpt’.
 Breng de thuiscontext van de kinderen binnen in de klas door
middel van bv. een familiemuur: laat de kinderen een foto
meebrengen van hun familie en voorzie een plek in het
klaslokaal om ze op te hangen, bv. in de kring of de leeshoek.
Spreek de kinderen hierover aan en toon interesse voor de
taal die ze gebruiken met hun familieleden (Wie zijn deze
mensen? Hoe heten ze? Hoe spreek je hen aan? Welke talen
spreek je met je (groot)ouders, je oom of tante? Je broer of
zus?..).
Talenrijkdom op school benutten
 Laat de kinderen boeken, CD’s, liedjes, kranten of tijdschriften
meebrengen van thuis of haal meertalige materialen uit de
openbare bibliotheek en geef ze een plaats in een keuzehoek
van de klas.
 Reageer niet meteen negatief wanneer een leerling spontaan
iets vraagt of zegt in de thuistaal. Speel in op wat de leerling
aan het doen is of probeer door middel van vragen te
achterhalen wat hij duidelijk wil maken. Geef niet te snel op,
vraag door. Als dat niet lukt, kan je een taalgenoot inschakelen
om hulp te bieden.
 Vraag de kinderen hoe iets wordt gezegd of geschreven in hun
thuistaal wanneer je dit relevant acht in het kader van een
activiteit of het welbevinden van de leerlingen. Maak
eventueel een ‘spiekbriefje’ met woorden die je van pas
kunnen komen (bv. troostwoorden bij kleuters).
Veeltalig functioneel leren
Veeltalig functioneel leren
 Zorg voor zinvolle, motiverende activiteiten waarbij de
leerlingen een probleem moeten oplossen, informatie
moeten verwerken om tot een creatief eindproduct te komen,
én daarbij hun thuistaal kunnen inzetten.
 Laat de leerlingen af en toe in taalhomogene groepjes
samenwerken en geef hen de ruimte om bij het uitvoeren van
taken met elkaar in de eigen taal te brainstormen, te
overleggen, ideeën op te schrijven, elkaar te helpen. Ga
regelmatig over hun schouders meekijken, stel vragen en/of
zorg voor een klassikale terugkoppeling in het Nederlands.
 Laat de leerlingen een taak oplossen in de eigen taal, bv. een
artikel in de eigen taal schrijven voor de schoolkrant,
informatie opzoeken op internet in de eigen taal, een (digitaal
of papieren) vertaalwoordenboekje samenstellen voor de
klas, een familielid interviewen…
Veeltalig functioneel leren
 Laat de anderstalige leerling tolken in zijn thuistaal bij een
uitstap in de buurt, bv. op de markt of bij een klasactiviteit
waarbij een ouder iets komt vertellen of demonstreren.
 Laat een leerling een woord, instructie of uitleg vertalen in de
thuistaal wanneer een taalgenoot iets niet begrijpt in het
Nederlands. Laat de leerlingen gebruik maken van
vertaalwoordenboeken en online woordenboeken in de klas.
[VIDEOFRAGMENT activiteit / output]
Radio Tika: een veeltalige taak
 De leerlingen worden inwoners van het fictieve “Tikaland”,
een land waar vele talen gesproken worden.
 In heterogene groepen van vier maken de leerlingen een
radiobericht in verschillende talen voor Radio Tika.
 Elke groep bedenkt drie quiz-vragen (in het Nederlands)
voor het publiek. De leerkracht verdeelt deze vragen over
de andere groepen.
 Elke groep stelt zijn radiobericht voor. De andere groepen
proberen hun vragen te beantwoorden.
 De taak wordt besproken.
 Vonden de leerlingen het leuk om naar een meertalig radiobericht
te luisteren? Wat konden ze verstaan? Zouden ze een dergelijke
radio in België willen hebben?...
Radio Tika in 2 verschillende klassen
School Brussel – 5de leerjaar (n = 18)
90% T2-leerders (vooral Frans als T1)
middenklasse, hoge SES (slechts 10% lage SES LLN)
School Ronse –6de leerjaar (n = 26)
75% T2-leerders (1/3 Marokkaans-Arabisch als T1)
65% lage SES leerlingen
Illustraties Brusselse klas (1)
 LL1: Het is beter: tak eerst Frans, Nederlands en Fins.
Want zo het is vaak zo euh aan de euh luchthaven
voor XX. ‘De nummer’, ‘le numéro un on a ne ne ne.
De nummer neu ne ne ne.’ En euh, da weet ik ni.
 LL3: Ja, ik ga in het Fins dat doen. Ja, ik ka, euh, ik
praat echt heel euh goed euh Fins dus. Ik dan kan
zelfs over de tsunami praten in Japan. Bij buitenlands
nieuws.
Illustraties Brusselse klas (2)
 LL1: Oh. On peut parler français? Au match aller… mais,
euh, hij kan niet (wijst op LL3, die niet Franstalig is)
LL3: Ja, ik kan, een beetje, maar praat maar een beetje
(Verderop zal LL1 in het Nederlands duidelijk maken aan
LL2 wat hij aan het doen is.)
 LL2: Ma nee. Euh, nee, ik kan, (wijst op blad) dit hoeft
niet in Fins te schrijven
LL1: Maar das grappig. Enfin, zo met allemaal die puntjes
en accentjes.
LL2: Er zijn niet heel veel accenten in Fins maar
LL1: Maar euh nee, schrijf in Nederlands. (schrijft op).
Dus! Buitennieuws: Japan.
Illustratie Brusselse klas (3)
 LL1: Juf! (de juf loopt net langs hun bank)
 LL1: Ma, ja, juf, Michael wil ‘kerncentrale’ in ‘t Fins zeggen… Zeg
gewoon ‘kerncentraal’[13].
 LK: Maar je mag… Fins… Je mag heel ‘t nieuws in ‘t Fins doen eh.
 LL2: Ja. Ja maar hij weet nie hoe ‘kerncentrale’ in ‘t Fins is.
 LK: Euh, ik kan jou niet helpen eh. Dan vertel je ‘t zo maar eh.
Vertel je wat het is [11].
 LL1: Weet je wat het is?
 LK: je kan het door euh, of je kan het Nederlandse woord
gebruiken in uw zin. Je kan het Nederlandse woord gebruiken in
uw zin [12] want in Tikaland kan het zijn dat mensen het ook wel
begrijpen. (Juf loopt door.)
 De leerling kiest ervoor om het Nederlandse woord in het Finse
radiobericht te gebruiken.
Reflectie en discussie Brusselse klas
 LLN willen in een land willen wonen met heel veel talen.
 LK erkent de rijkdom van met verschillende talen in contact
te komen.
 Maar, LK erkent ook dat er communicatieproblemen
kunnen ontstaan.
 Oplossing van een LL: introductie van een officiële taal.
 LK moedigt LLN aan om na te denken over de problemen
die je heb als er slechts één officiële taal is.
• “Jij zou het Frans kiezen maar denk je dat de
Nederlandstaligen hier in ons land, dat die daar mee akkoord
zouden gaan?”
• “De mensen houden van hun taal, hé”
 LK legt verband tussen taak en meertalige realiteit in
België, alsook haar eigen ervaringen als tweetalige:
‘vermoeiender’.
Leerlingen in klas B
 Gemotiveerd om de meertalige taak uit te voeren.
 Gewend te translanguaging, te switching tussen
Nederlands en Frans.
 Taalkeuze lijkt gemotiveerd door
taalvaardigheidsniveau.
 Zijn zich bewust van mogelijke
communicatieproblemen.
 Trots op het kunnen gebruiken van T1
(specialistenrol).
 Tolerant t.o.v. ‘onbekende’ talen.
 Sterk metalinguïstisch bewustzijn en vermogen om
te denken en te praten over talen.
Leerlingen in klas in Ronse
 Discussies over taalkeuzes
 C wil geen Arabisch spreken
 M wil geen Spaans spreken
• M wordt kwaad en zondert zich van de groep af
 Weerstand tegen het gebruik van de T1 verdwijnt in de
loop van de taak: openen van een meertalige ruimte
 M schrijft een weerbericht in het Spaans
 M & J vergelijken Spaans en Portugees (specialistenrol)
 M geraakt steeds meer betrokken
 Andere LLN maken weerkaartjes om zo het weerbericht in
het Spaans te illustreren.
Leerlingen in klas in Ronse
 Discussies over taalkeuzes
 C wil geen Arabisch spreken
 M wil geen Spaans spreken
• M wordt kwaad en zondert zich van de groep af
 Weerstand tegen het gebruik van de T1 verdwijnt in de
loop van de taak: openen van een meertalige ruimte
25° C
 M schrijft een weerbericht in het Spaans
 M & J vergelijken Spaans en Portugees (specialistenrol)
 M geraakt steeds meer betrokken
 Andere LLN maken weerkaartjes om zo het weerbericht in
het Spaans te illustreren.
Leerlingen in klas in Ronse
 Nemen hun rol als specialist op, bundelen hun
krachten en vinden creatieve oplossingen
 Twee LLN werken samen om de tekst in het Arabisch
te verbeteren
 Zoeken samen naar een vertaling van ‘aswolk’ in het
Arabisch
 ‘Tikalande’ [Frans accent]
• "Tikalande. Oui! C'est bon ça!"
 Off-task: translanguaging is vanzelfsprekend:
Nederlands, Arabisch, Frans – speels gedrag voor de
camera.
Talensensibilisering
Talensensibilisering
 ‘Talensensibilisering staat voor het gevoelig maken
voor en bewust maken van het bestaan van een
veelheid aan talen, en daaraan onderliggend culturen
en referentiekaders, in onze wereld en, dichterbij, in de
eigen schoolomgeving…’ (Frijns e.a., p. 101)
 Drie doelen van kleuters tot …
1. positieve attitude t.o.v. talige diversiteit
bewerkstelligen.
2. kennis en bewustzijn over taal, taalvariëteiten en
talen verhogen.
3. metalinguïstische en (meta)cognitieve
vaardigheden ontwikkelen.
Wat is TS niet?
Geen taalinitiatie of vreemdetalenonderwijs
TS
• Betrekking op veelheid aan talen (niet beperkt tot de
talen die op school worden geleerd en gebruikt)
 Geen tweetalig of meertalig onderwijs = TS
staat niet voor leren in talen
 Geen functioneel gebruik van thuistalen
 TS
•
Benut thuistalen niet om te lezen, niet om informatie
te vinden, elkaar te helpen, niet om te brainstormen
Aansluiting bij de eindtermen Nederlands
 LLn zijn bereid om op hun niveau bewust te reflecteren op
taalgebruik en taalsysteem.
 Bij het reflecteren op taalgebruik en taalsysteem tonen de lln
interesse en respect voor de persoon van de ander.
 Met het oog op doeltreffende communicatie kunnen lln
reflecteren over





Het gebruik van standaardtaal, regionale en sociale taalvariëteiten;
Het gebruik van in hun omgeving voorkomende talen;
Normen, houdingen, vooroordelen en rolgedrag via taal;
Taalgedragsconventies;
De gevolgen van hun taalgedrag voor anderen en henzelf.
 Lln kunnen reflecteren over een aantal aspecten van het
taalsysteem vb. klanken.
 Lln exploreren verschillende cultuuruitingen met een talige
component in hun omgeving en geven er betekenis aan.
Effecten op leerlingenniveau
Effecten TS
Leerlingen
Kennis over taal, talen en
taalvariëteiten
Positief effect
Metalinguïstisch bewustzijn
Gemengd effect
Taalvaardigheid
Nederlands
Geen aantoonbaar effect
Taalvaardigheid thuistaal
Geen aantoonbaar effect
Taalvaardigheid vreemde taal
Geen aantoonbaar effect
Attitude t.o.v. taaldiversiteit
Positief effect (met name voor zwakke leerlingen)
Motivatie om vreemde talen te
leren
Gemengd effect (niet voor alle leerlingen)
Actief burgerschap
Geen aantoonbaar effect
Welbevinden
Grootste positief effect voor meertalige leerlingen, als
talige identiteit in de klas (h)erkend wordt
Tijd/intensiteit: minimaal 35 à 40 lesuren volgens het Europese Evlang-onderzoek
Effecten op leerlingenniveau
“They started to exist in the class,
before they did not really exist.”
(Hélot, 2008, p. 376)
Effecten op leerkrachtenniveau
Effecten TS
Leerkrachten
Attitude t.o.v. taaldiversiteit op
school en in de samenleving
Positief effect
 Verbreding van visie, horizon, openheid, …
Attitude t.o.v. taalgemengde
klassen
Minder ‘verkrampt’
Vaardigheden op de klasvloer
Gemengd beeld: moeite met spontaan inspelen op de
aanwezige rijkdom in de klas
…
Hoe denken, attituden en vaardigheden verder ontwikkelen?
Door vorming?
Niet alleen, (ook) door begeleiding in de eigen klas als rijke
leerbron
Effecten op ouderniveau
Didenheim-project (Frankrijk):
verbeterde relatie tussen allochtone ouders en
school
Attitude t.o.v. taaldiversiteit: ?
Vraagt meer onderzoek
Aan de slag met ouders:
Ouders Kersturdu
Reactie papa
Wanneer doe je aan TS?
Integreren in bestaande activiteiten, thema’s,
hoeken,…
Aparte activiteit
Reageren op spontane momenten
Geplande activiteit: Moederdag / vaderdag
Aanspreekwoorden voor ‘mama en papa’
Filmpje oma en opa
Versje
Welke talen spreek je het liefst met mama en
papa? Waarom? Welke talen met anderen?
Verhaaltjes over mama en papa in
verschillende talen aanbieden
Welke talen spreken je mama en papa?
Aanduiden op kaart?
TS in een taalhomogene klas?
Kansen om in te spelen op de diversiteit in de
klas zijn kleiner
MAAR
Diversiteit in de school, omgeving, stad,…
Diversiteit binnenhalen (liedjes, kranten,
verpakkingen, …)
Ogen en oren openen
Ongeplande activiteiten
Inspelen als het moment zich aandient
Voorbeeld 1: Knuffel Monkey
Voorbeeld 2: Jommeke –os
• De leerlingen mogen als ze klaar zijn met hun taak
steeds boekjes lezen in de klas. Jasper leest een strip
van Jommeke en vraagt aan de leerkracht waarom alle
Spaanse woorden op –os eindigen.
• “Het Jommekesspaans. Wanneer Jommeke zich in een
Spaanssprekend land verstaanbaar wilde maken,
voegde hij gewoon de uitgang -os aan de woorden toe.
"Ik Jommekos, kent gij de wegos naar het dorpos? Is
het langs hier of langs ginderos?" En klaar was kees.”
(De redactie, 20.10.2009: over Jef Nys)
Waar vind je inspiratie?
 Tips voor de klas- en
schoolpraktijk
 http://www.cteno.be/download
s/publicaties/gielen_ea_2012_h
andleiding_talensensibilisering.
pdf
 Kijk op
www.delathoogvoortalen.be.
Je vindt er kijkwijzers, tips en
tricks en ongeveer 200
lesfiches!
 http://www.delathoogvoortalen
.be/focus/%22Talensensibiliseri
ng%22
Kant-en-klaar lespakket?
 Voor kinderen van 5 tot 12 jaar geschikt voor alle klassen
 40 uitgebreide en volledig uitgewerkte lesfiches,
geordend per thema
 Een audio-CD voorzien met geluidsdocumenten.
Nog enkele ongeplande activiteiten
 Tijdens een schrijfoefening noteert een
leerling ‘cornfleeks’. Je loopt als leerkracht
door de klas en ziet dit gebeuren.
 De leerlingen werken in groepjes met
treintabellen om de juiste treinuren uit te
zoeken voor hun schoolreis. Je hoort een
leerling zeggen: “Mijn oma zegt twee en
half in plaats van half drie.”
 Voor het thema verkeer gaan de kleuters
op stap rond de school. Bij een
uithangbord van een Chinees restaurant
waarop Chinese tekens staan, vraagt een
kleuter aan de juf: “Is Chinees een
moeilijke taal?”
Inspiratie gezocht!
Vijf belangrijke tips
 Koppel de TS-activiteiten aan bestaande lessen, laat het een
mooi geïntegreerd geheel zijn.
 Laat input indien mogelijk van de kinderen komen, dan is de
betrokkenheid groter.
 Zet je TS-bril op!
 Je hoeft de taal zelf niet te spreken, kinderen hoeven de
andere talen niet aangeleerd te krijgen.
 Kijk op www.delathoogvoortalen.be. Je vindt er kijkwijzers,
tips en tricks en ongeveer 200 lesfiches!
Wegwijzer
 Een boekje voor de
onderwijspraktijk
 Inspirerende praktijkvoorbeelden
en handzame tips
 Voor leerkrachten, coördinatoren
en directies die met TS aan de
slag wille
 Wetenschappelijk rapport
•
•
Frijns, C., Sierens, S., Devlieger, M., Van
Gorp, K., Sercu, L., Van Avermaet, P. (2011).
‘t Is goe, juf, die spreekt mijn taal!
Literatuurstudie praktijkgericht
onderwijsonderzoek in opdracht van de
Vlaamse OnderwijsRaad (Vlor). Brussel:
VLOR, Vlaamse Onderwijsraad.
Op de websites van het CTO en SDL.
Valorisering van Linguïstische Diversiteit
Schoolbeleidsgids
Bagage
E-validiv
Feitenboek
Validiv bagage
Taalstimulering én positief omgaan met meertaligheid
betekent dat…
 ‘Er voor elk kind veel mogelijkheden gecreëerd worden om in
verscheidene, interactie- en ervaringsrijke sociale contexten
te functioneren en
 daar al zijn talig kapitaal te kunnen inzetten en
 dat elk kind uitgedaagd wordt dat kapitaal te verrijken,
 gesterkt door hoge verwachtingen en betekenisvolle
ondersteuning van betrokken interactiepartners.’
(Van Gorp, 2013)
 ‘En daarbij moet de begeleider alles wat het kind kan
gebruiken om betekenis te geven aan die taal (of om zelf
betekenis te produceren via taal) inschakelen: de voorkennis
van het kind, de andere talen die het al spreekt…’
(Van den Branden, 2012)
Hamvraag voor talenbeleid
Hoe kijken we naar en
hoe gaan wij om met
de aanwezige talen
op school?
Welke gevolgen heeft
dat voor de ontwikkeling
van de leerlingen?
Definitie talenbeleid
Talenbeleid is de structurele en strategische poging
van een schoolteam om de onderwijspraktijk aan te
passen aan de taalleerbehoeften van de leerlingen
met het oog op het bevorderen van hun algehele
ontwikkeling en het verbeteren van hun
onderwijsresultaten.
Vragen?
[email protected]
Descargar

Document